Steun Stem

5 oktober 2026

Jurjen Beumerlezing: ‘We leven een bestaan met barsten, maar niet zonder licht’

Stevo Akkerman: ‘We leven een bestaan met barsten, maar niet zonder licht’

“Terwijl de ondergangsklokken beieren, gonst het toch ook van de hoop", zegt schrijver en journalist Stevo Akkerman. Op vrijdag 2 oktober was hij de spreker tijdens de vijfde editie van de Jurjen Beumerlezing. Onder de titel ‘Machteloos hoopvol’ nam hij zijn publiek mee op een zoektocht naar de bron van hoop, een tocht die voerde langs tal van schrijvers en denkers uit heden en verleden. Het duo Femke Beumer en Marlies Mulder zette de avond in de Doopsgezinde Vermaning extra luister bij met muziek en theater.

Akkerman startte zijn lezing door terug te gaan naar 1935. “Wij leven in een bezeten wereld. En wij weten het", schreef historicus Johan Huizinga in In de schaduwen van morgen. Huizinga zag het gevaar van het opkomende nationaal-socialisme, en volgens Akkerman is ook nu reden tot zorg. “Het gebouw van de universele rechten van de mens en het internationale recht stáát niet alleen op instorten, maar ís al half ingestort." Hij noemt oorlogen, kernwapens, grille grootmachten en afnemende democratie. “Het hele idee van mensenrechten raakt in diskrediet. Ook bij ons."

Aan de rand van de ondergang?

Bij de ‘platte Nederlandse politiek’ van de afgelopen jaren wil hij niet te lang stilstaan. Maar toch: er is reden tot zorg. “Alom klinkt de boodschap dat het hele land – de beschaving zelfs – aan de rand van de ondergang staat. De anderen zijn daarvan de oorzaak: vreemdelingen, woke-figuren, de Europese Unie, moslims, boeren, het neo-liberalisme, de populisten.

“Iedereen wijst een andere kant op, maar gemeenschappelijk is het angstige gevoel, in eigen land en daarbuiten, dat we steeds minder toekomst hebben. En de aanzwellende klimaatcrisis versterkt dat nog eens. We dreigen terecht te komen in een ondergangsstemming, die vervolgens de ondergang dichterbij brengt."

Het gonst van de hoop

En toch ziet Akkerman iets opmerkelijks: “Terwijl de ondergangsklokken beieren, gonst het toch ook van de hoop." Hij ging op zoek naar wat die hoop betekent.

Bij de filosoof Ernst Bloch vond hij het idee dat we ‘opnieuw moeten leren hopen’ de toekomst ligt immers nog open. Hoop betekent niet dat alles goed zal komen, maar dat we het onmogelijke durven denken en ons niet neerleggen bij ‘hoe de dingen nu eenmaal zijn.’

Je inzetten voor wat goed is

Bij Václav Havel kreeg hoop een andere betekenis. “Hoop is niet hetzelfde als optimisme", citeerde Akkerman. “Het is niet de overtuiging dat iets goed afloopt, maar de zekerheid dat iets zin heeft, ongeacht hoe het afloopt. Ofwel: het gaat bij hoop niet om onze wil ons te zetten voor dingen die tot succes leiden, maar om ‘ons vermogen ons voor iets in te zetten omdat het goed is’."

Maar waar zit dan dat goede? Akkerman vond een antwoord bij de filosoof Emmanuel Levinas en diens idee van ‘het appèl van het gelaat van de ander’. Akkerman: “Als ik me niet vergis is dat precies wat Stem in de Stad belichaamt: het niet achteloos aan de ander voorbijgaan."

Barsten

In zijn lezing beloofde Akkerman niet dat alles goed komt. Wel dat het de moeite waard is om het te blijven proberen. Zelfs al ben je zelf niet perfect en is de wereld dat evenmin. “We leven een bestaan met barsten – maar niet zonder licht", zei hij. “God stopte volgens de joodse mystiek voorafgaand aan de schepping zijn licht in tien grote vazen. Maar omdat een vaas het licht van God onmogelijk kan vasthouden, knalden ze uit elkaar. Zo vloog het licht samen met de scherven het universum in. Dat is de gebrokenheid waarin we leven, die gebarsten vazen. Die splinters dragen het licht met zich mee."

Het leven omarmen

Diezelfde gedachte klonk door in de woorden van Etty Hillesum, die in 1943 in Auschwitz werd vermoord. Zij wist het leven te omarmen terwijl ze de dood in de ogen keek. “Het is overal helemaal goed. En tegelijkertijd helemaal slecht", schreef ze. “Die twee houden elkaar in evenwicht, overal en altijd."

Zo kwam Akkerman uiteindelijk uit bij Adam Zagajewski en diens gedicht Probeer de verminkte wereld te bezingen. Een gedicht over oorlog en vluchtelingen, maar ook over muziek, zomeravonden, een grijs veertje en “het zachte licht dat dwaalt en verdwijnt / en steeds terugkomt".

Kleurige boa

Tijdens de Beumerlezing was er naast ernst ruimte voor lichtheid. Femke Beumer en Marlies Mulder brachten kleine liedjes vol hoop: “Een nieuwe dag, ik voel het schijnen / van de zon, die toch is opgegaan." En even later ging de kleurige boa om en werd er vrolijk gezongen op de melodie van Let Me Entertain You. Na afloop was er gelegenheid om vragen te stellen aan Akkerman en nog even na te praten. Onder het genot van een drankje werd de zoektocht naar hoop voortgezet.

Fotografie bij dit artikel: Ron Moelijker

Terugkijken

Bekijk de videoregistratie van de Jurjen Beumerlezing 2026.  

Teruglezen

De volledige tekst van de Jurjen Beumerlezing is hier te downloaden. 

Stevo Akkerman

Stevo Akkerman (1963) is bij het grote publiek bekend door zijn columns voor Trouw.  Eerder werkte hij bij Het Parool, het Eindhovens Dagblad en was hij voor verschillende media correspondent Midden-Europa. Hij publiceerde meerdere journalistieke boeken, waaronder Het klopt wel, maar het deugt niet en Wat is dan goed? Zijn roman Donderdagmiddagdochter werd bekroond in Nederland en Vlaanderen.

Jurjen Beumer
De Jurjen Beumerlezing wordt jaarlijks in oktober georganiseerd door de Antonius Gemeenschap en Stem in de Stad. Voor deze lezing wordt een spreker uitgenodigd om in deze tijd verder te denken in de lijn van het gedachtegoed van Jurjen Beumer. Jurjen Beumer (1947 – 2013) was oprichter en pastor-directeur van Stem in de Stad, de Haarlemse stichting die zich inzet voor Haarlemmers die het moeilijk hebben en omkijkt naar kwetsbare mensen die in nood zijn.

Al het nieuws